Sini Heidstra vierde onlangs in het bijzijn van haar kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen haar 102e verjaardag. Er werd gelachen, herinneringen werden opgehaald en zelfs de locoburgemeester van Almelo kwam langs om haar te feliciteren. Een bijzondere mijlpaal.
Sini wordt geboren op 5 februari 1924 in Enschede, waar ze opgroeit in de buurt van de Laaressingel. Haar jeugd wordt al vroeg getekend door verlies. Ze is pas zeven jaar oud als haar vader overlijdt aan tuberculose. “Ik was buiten aan het spelen,” herinnert ze zich. “Mijn moeder stond bij de voordeur. Ik weet nog precies hoe ze daar stond toen ze het vertelde.” Haar vader werd slechts 33 jaar. Het gemis blijft haar altijd bij. “Je komt toch veel tekort als je geen gezin hebt.”
Een warm nest
Een periode woont ze bij haar oom en tante, waar ze het goed heeft. Maar het gemis van een gezin blijft. In haar tienerjaren leert ze haar latere man kennen. Hij komt uit een groot Fries gezin met negen kinderen. Een wereld van verschil met haar eigen jeugd. “Ik vond het prachtig om daar thuis te zijn. Zo’n druk gezin, zo hartelijk. Ik voelde me er meteen welkom.”
Al op jonge leeftijd zit Sini achter de naaimachine, onder meer bij het Twentse confectiebedrijf Bendien-Smits. Maar het werd het ook haar hobby, ze zat tot haar 75e achter de naaimachine. “We hadden een auto”, vertelt ze, “mijn moeder en ik wilden die graag houden. Doordat ik bleef werken, kon dat.”
Oorlogsjaren
Tijdens de Tweede Wereldoorlog woont Sini met haar moeder, maar reist ze ook geregeld naar Almelo om haar vriend te zien. Geen vanzelfsprekendheid in die tijd. “Ik was altijd bang als de bommenwerpers overvlogen”, zegt ze. “Er was een avondklok, maar we probeerden elkaar toch stiekem te zien. Soms bleef ze noodgedwongen slapen.
“Mijn schoonmoeder zei dan: je gaat nu niet meer terug. Dan bleef ik daar.”
Sini’s leven kent ook diepe dalen. Haar man overlijdt al op 50-jarige leeftijd aan een hartstilstand. Later verliest ze haar jongste dochter Marja, die slechts 61 jaar wordt.
Verlies wat nooit slijt. Daarnaast heeft ze mooie herinneringen, zoals de vakanties met haar man en dochters, kamperend op de plek waar nu camping De Beerze Bulten ligt. “We hadden zelf een tent gemaakt,” vertelt ze. “En dan fietsten we ernaartoe, met een karretje achter de fiets. Voor een dubbeltje per nacht stonden we daar.”
Zelfstandig
Sini blijft opmerkelijk lang zelfstandig. Tot haar honderdste woont ze op zichzelf en rijdt ze nog auto. Zelfs op haar 95e wordt haar rijbewijs nog verlengd. “Ik heb altijd mijn eigen dingen kunnen blijven doen,” zegt ze nuchter.
Hoewel haar benen haar soms in de steek laten en haar gehoor minder wordt, voelt ze zich naar eigen zeggen nog goed. En vooral dankbaar. “Ik ben dankbaar voor mijn kinderen en (achter)kleinkinderen. Ik ben ontzettend gelukkig met al dat grut.”
